Pagina's

donderdag 13 mei 2010

13 mei van Keld naar Reeth

13mei: Keld.....Reeth

Vanmorgen ontbeten met een prachtig uitzicht op de heuvels rondom ons. De hoteleigenaar heeft vroeger bij de RAF gediend en heeft daarom een aantal jaren in Maastricht gewoond. Hij is erg trots op de weinige Nederlandse woorden die hij kent ("Godverdikkie"). Met een "tot
ziens"nemen we afscheid van hem.

Vandaag kunnen we kiezen uit een aantal routes naar Reeth toe. Wij besluiten om de route door het dal van het riviertje de Swale te doen. Veelal dalen en onderweg genieten van watervalletjes en de geluiden van vele vogels en schapen. De rivier moeten we in principe aan onze rechterhand houden. Dat lukt aardig, totdat we moeten kiezen uit 2 paden; beide lopen aan de linker (dus goede kant) van de rivier. We kiezen, zoals even later blijkt, voor het pad dat ons omhoog leidt. Dus toch klimmen, vandaag !

Boven op de top komen er sms'jes binnen die gisteren al verstuurd blijken te zijn. Het zijn nare berichten. Chewy, één van onze katten, vermagerde de laatste week zienderogen, at en dronk
niet meer. Gisteravond bleek hij zeer kortademig en spuugde bloed. Met Oma is Mirte naar de d.d. dierenarts geweest,maar deze kon eigenlijk niets meer doen. Een ruimte-innemend proces in Chewy's long was al zover gevorderd dat alleen een spuitje verder lijden kon voorkomen. En dat is
gebeurd vannacht om kwart voor 2.

Op zo'n moment is het rot om zover weg te zijn. Mirte was vanmorgen nog erg van slag en staande op zo'n bergtop in Engeland kun je dan niet zoveel doen. Wel waren we trots op de kinderen, zoals ze elkaar hebben geholpen. Gelukkig komt vriendin Maartje de rest van de dag naar haar toe.

Dit alles drukt wel een stempel op de dag; het lijkt wel alsof we na deze tijding ook steeds de verkeerde beslissingen nemen. Van het stijgende pad lopen we uiteindelijk wel weer naar de rivier, maar in een dorpje nemen we wederom een verkeerde weg. Een stevige klim doet ons belanden op een uitgestrekt weideveld; we zien niets anders dan gras en twijfelen of we wel op de goede weg zitten. We besluiten om de eerste de beste weg naar beneden te nemen om toch maar bij de rivier uit te komen.

Op weg daar naar toe komen we langs een bar waar we even wat drinken. Geen alcohol, dus dat verklaart niet waarom Erik, als we de wandeling hervatten, opeens plat op z'n gezicht valt ! De wandelstokken blijken zijn redding; daardoor wordt zijn val geremd, maar het voorkomt niet dat
hij op knieën en gezicht terecht komt.

Gelukkig geen uiterlijke schade en innerlijk, ach daar zit altijd al een steekje los !

Het pad langs de rivier vinden we langs een alternatieve route terug en dan begint een eindeloos lijkende wandeling naar Reeth. Vlak voor het dorp treffen we Amerikaanse Tony en zijn kleinzoon en Paddy en Virginia, beiden uit Londen. Dit groepje heeft elkaar 3 dagen geleden tijdens de C
to C leren kennen en omdat beide Amerikanen de kaarten niet goed konden lezen, zijn Paddy en Virginia met hun mee blijven lopen. Tony nodigt ons spontaan uit voor het diner van vanavond in de "Black Bull".

Inmiddels zijn we gearriveerd bij onze plek voor vannacht "Buck Hotel". Een grote kamer, een groot bed, een douche in het bad waarbij, als Erik het douchegordijn niet ín het bad hangt tijdens het douchen de hele badkamervloer blank komt te staan.



verslag van 11 en 12 mei

11 mei: Shap.......Kirkby Stephen
Moe, maar voldaan na de lange dag van gisteren, zijn we gisteravond naar bed gegaan rond 21.00 uur en direct in slaap gevallen.

Gisteren, tijdens de ontvangst in deze B&B, vreseljk gelachen óm en met een Engelse gast. Tijdens het drinken van de thee en het eten van de scones waarop de landlady ons trakteerde, kwam het gesprek op Nederandse gerechten. We vertelden Chris, een Engelsman, over onze erwtensoep. Erik voegde daar aan toe dat er in de erwtensoep een varkenskop zit waarmee de soep getrokken wordt. Waarop Chris, heerlijk onderkoeld, opmerkt: “That must be quite a bowl !” We lagen alledrie dubbel !

Vanmorgen om kwart voor 8 ontbijt met porridge (échte havermoutpap) voor Anita en een lichter fruitontbijt voor Erik. Op den duur gaat het Engelse zware ontbijt namelijk tegenstaan. De landlady blijkt een ware gastvrouw; alles is tot in de puntjes geregeld en past perfect bij elkaar. Ze verwacht wel van de gasten dat ook díé precies de schoteltjes en diverse schaaltjes gebruiken als waar zij ze voor bestemd heeft. Daar zijn wij ( léés Erik !) toch weer een beetje te veel boer voor ! Als de packed lunch die we hebben besteld ook nog eens op een schaal wordt opgediend met de plastic zak ernaast waar het in kan worden gedaan, gillen we van binnen allebei ! Maar, het was een prima ontbijt en met de lunch zit het dus ook wel snor !

De wandeling vandaag is een lange (zo'n 34 km.). Met het Lake District achter ons lijkt het gedaan met het échte klimwerk. We lopen vandaag over uitgestrekte glooiende heidevelden, we komen langs diverse archeologische sites en we maken heel veel kilometers.

Wat opvalt is dat de C to C-route door veel mensen wordt gelopen. We komen de afgelopen dagen steeds dezelfde mensen tegen; de meesten natuurlijk Engels, een groepje van 3 Nederlandse mannen en een groepje van 4 Amerikanen. Omdat ieder in z'n eigen tempo loopt, zie je elkaar soms tijdens het pauzeren of 's morgens of 's avonds in de B&B. Onderweg vraag je elkaar hoe het gaat en 's avonds in het hotel komen alle verhalen over de wandeling zelf of die van de volgende dag. De Engelsen die wij tegenkomen blijken ware wandelaars; hun tempo is hoog, ze gaan net zo makkelijk de heuvels en bergen op als dat ze er af gaan en.....ze blijven maar “ouwehoeren”. In de verte hoor je ze al aan komen kwetteren en omdat ze vlugger lopen dan wij, kun je het hele gesprek volgen. We laten ze vaak maar al te graag voorbij gaan. Het pad dat we moeten lopen is veelal al platgetreden door de velen die ons voor zijn gegaan. Makkelijk te volgen dus. Tóch moet je blijven opletten; er zijn vele wandelroutes en je kunt zomaar het verkeerde (platgetreden) pad volgen. Eén beschrijving tijdens de route van vandaag luidt dat een lange weg van 5 km. door de heidevelden moet worden gevolgd. Verstand op nul dus maar ! Daardoor missen we jammer genoeg een afslag en dat betekent dat we zo'n 20 minuten voor Jan Doedel hebben gelopen. Op zo'n grote afstand als vandaag, kun je dat niet hebben. Daarbij is de geasfalteerde weg over de heidevelden onafzienbaar lang, hij daalt en hij stijgt en er komt geen end aan. Duidelijk zo'n gevalletje van “waren we er maar !” De asfaltweg maakt plaats voor een weg door de velden om uit te komen bij een vervallen spoorweghuisje en een prachtige oude stenen brug. In de verte een mooi, buiten gebruik geraakte, spoorviaduct. Op de wegbewijzering staat Kirkby al aangegeven, dus we krijgen weer moed. Twee hoge beklimmingen zijn echter “killing” en niet goed voor het gemoed. Erik heeft last van zijn voeten en vermoedt enkele blaren. Hij loopt daardoor niet in z'n ritme en verliest per minuut meer humeur. Anita krijgt strikte orders hem niet te fotograferen als hij in al z'n ellende over hekjes,muren etc. moet klimmen. (hahaha ; tóch gedaan !)

Kirkby laat gelukkig niet snel meer op zich wachten; de eerste B&B in het dorp is die voor ons. Wederom een zeer gastvrije dame die ons opwacht met versgebakken scones en een pot thee. De kamer is stijlvol met een heerlijk groot spijlenbed. We ploffen erop neer,nemen een warme douche, bellen Koen nog even en besluiten de boterhammen van de lunch als diner te gebruiken. We blijven in bed en slapen om 20.00 als rozen !

12 mei: Kirkby Stephen – Keld
Als ik wakker word voel ik alle gekende en nog niet eerder gekende spieren en spiertjes in mijn lijf. Natuurlijk probeer ik soepel overeind te springen, maar die poging eindigt in een bizarre kramp. Met name in mijn rug verzet alles zich tegen een nieuwe wandeldag.

Die dag is weliswaar een “piece of cake” in vergelijking met gister (aldus de beschrijving), maar inmiddels ken ik die pieces of cake van de Engelsen...

Als een stokoude man kleed ik me aan en geleidelijk begint het leven in mijn lijf terug te keren. Wanneer we naar de ontbijttafel lopen is er geen mens meer die me meewarig aan hoeft te kijken: ik loop weer als een kievit (hoe lopen die eigenlijk?). Na een “continental breakfast” (ik kan geen engels ontbijt meer zien: te vet, te veel) en wat fruit, nemen we de lunch box in ontvangst en gaan op weg.

Kirkby Stephen staat bekend als een mooi plaatsje. Helaas loopt er wel een zeer drukke autoweg dwars door heen. De geveltjes zijn echter aardig, er is een banking machine (voor kabouters want ik moet ongeveer op mijn knieën) en Anita kan enkele ansichtkaarten kopen. Haar dag kan dus niet meer stuk en dat scheelt als het op mijn dag aankomt.

Wanneer we het dorp uitlopen, komen we Chris tegen. Een Engelsman uit de buurt van Londen. We komen elkaar al verschillende dagen tegen in de B&B of tijdens de route. Chris heeft de eigenaardige gewoonte om aan het begin van de dag verkeerd te lopen en daar was hij ook vandaag alweer mee bezig. We overleggen wat over de te volgen route en we komen er samen wel uit. Chris zet zijn ons inmiddels bekende tempo er in en al snel is hij over de heuvelrug verdwenen. Ook wij lopen het dorp nu uit en laten ons inhalen door de verschillende groepjes die ons achterop lopen.

Anita heeft het al gemeld: het zijn echt bijzonder aardige mensen, die Engelsen, maar ze praten en praten en praten en praten...

Enfin, we moeten ook vandaag beginnen met een flinke klim: de 9 standards. We hebben we 9 steenhopen (want dat zijn het) gister al tijdens de wandeling als een ravelige rand op de bergrug gezien waar we nu tegen oplopen. Niemand weet wat het zijn (ja, steenhopen, duh), wat de bedoeling ervan is. Maar ze stammen uit de prehistorie en wanneer je er eindelijk naast staat (na een klim van zo'n 1 ½ uur), raak je toch onder de indruk. Ze staan op een plek met een  bijzonder weids uitzicht over de omgeving. Je hoort niets anders dan de wind (de groepjes vertrokken net toen wij aankwamen). Het is op een bepaalde manier een intensieve ervaring. Maar het was ook berekoud: de wind woei hard uit het noord oosten en er kwam opnieuw sneeuw mee naar beneden.

Omdat we over de heuvelrug moesten lopen in een open vlakte, trokken we onze extra kleding aan, deden de handschoenen aan, Anita deed haar sjaal om haar hoofd en ik zette mijn hoed op. Het was echt nodig want we voelden dat we snel afkoelden. We proberen zo snel mogelijk door de vlakte heen te komen, maar dat valt niet mee: het is een veengebied en voortdurend moeten we zeer drassige stukken zien over te steken. Er is geen duidelijk pad: ergens aan het eind staat, als héél klein stipje, een zuil van gestapelde stenen: dáár moeten we heen. Bij de zuil begint een flinke afdaling, nog steeds door “boggy land”. Op een gegeven ogenblik naderen we de “black hut”, aldus de routebeschrijving. Een hut die door iedereen gebruikt kan worden om even te schuilen. Het is inmiddels 13.30 uur dus we besluiten hier onze lunch te gebruiken.

Dat is mazzel: we zitten nog maar net en het begin dan echt goed te sneeuwen en te hagelen. We wachten tot de bui over is en dalen verder af. We komen uiteindelijk in Ravenseat: een verzameling van enkele boerderijen. Eén van de boerderijen belooft ons thee, chocolademelk, scones en andere lekkernijen, dus daar denken we geen seconde over na. De boerin blijkt een symphatieke, hoogzwangere dame. Ze is geïnteresseerd in ons verhaal en ze lacht wat verlegen als ik opmerk dat ik haar herken van de BBC-documentaire over het C2C-pad. “Oh mine, I am even recognized in Holland.”

De chocolademelk en verse scones (met zelfgemaakte jam), bevallen natuurlijk prima. Dat geldt ook voor een jonge terriër die ons met zijn treurige ogen een flink deel van de scones afhandig wist te maken. Hierna is het laatste stuk van een uur zo gepiept. De wind is gaan liggen, de zon schijnt voorzichtig en we wandelen hoog boven een prachtige vallei waardoor een snelstromende beek loopt met verschillende watervallen. Zo lopen we Keld binnen.

We zijn nu op de helft van de route. We hebben een goed glas bier (uiteraard weer een lokale brouwerij) verdient...ja, ja, Anita dronk sinaasappelsap. Vers, uit een flesje... moet ze maar bier drinken.

In de routebeschrijving hadden we gelezen dat er in Keld nauwelijks eetgelegenheden zijn. Daarom besluiten we onze lunch box maar ten dele te gebruiken en een en ander voor de avond te bewaren. Dit is op zichzelf geen probleem: ook de lunch boxes die we meekrijgen zijn zo omvangrijk, dat we er dagen mee verder kunnen. Het hotel waar we verblijven, Keld Lodge, blijkt echter net nieuwe eigenaren te hebben, die ook een keuken hebben geopend. En wat voor een keuken. Ik waag me aan verschillende lokale gerechten: stiltonpaté (van kaas dus); lever en uien en een Keld lemon “twist”. Het was een godenmaal. Anita begon met champignons in de knoflooksaus; kip in knoflooksaus en een desert zonder knoflook.

Ik lig vannacht met mijn hoofd onder mijn kussen.(Dat is wel zo rustig; dan hoor ik 't gesnurk niet ! - anita :))

De verschillende verblijfplaatsen.
Halverwege de tocht een kort overzicht van de verschillende overnachtingsplaatsen.
1. St. Bees: Fairladies Barn Guesthouse. De ontvangst was vriendelijk maar zakelijk en kort. Zo ontdekten we pas de volgende ochtend dat een lunch box de voorafgaande avond besteld had moeten worden. De kamer was schoon maar erg klein: er paste precies een bed in. De douche/ toilet was ook klein. Het ontbijt was prima.
2. Ennerdale: Fox & Hounds. Prachtig antieke herberg. Ruime kamer, idem dito sanitaire ruimte. Door verbouwing, konden we niet in het hotel zelf dineren. Ontbijt wel in het hotel, dit was prima.
3. Stonethwaite: Stonethwaithe farm. De enige B&B zonder eigen sanitaire ruimte. De farm zelf is erg oud zodat ik (Erik) in ieder geval voortdurend gebukt moest lopen om te voorkomen dat ik mijn hoofd stootte. Het bed was ook te klein voor mij. Kamer was klein: er paste precies een bed in. Alles was wel schoon en de landlady was zakelijk maar vriendelijk. Ontbijt was prima.
4. Chestnut Villa. Is nog maar net van start gegaan. Ligt wel iets uit het centrum, maar dat was goed te doen (10 minuten lopen). Alles is tot in de puntjes geregeld. Zeer vriendelijke landlords (Mike en Richard). De beloofde WIFI werkte niet en dit konden beiden ook niet oplossen. Alleen ontbijt en dit was prima. Kamer schoon en redelijk ruim (evenals sanitair), maar ook nogal koud door enkele beglazing.
5. The White Lion Inn. Weer een klassieke pub met ook enkele kamers. Kamer was schoon en voldoende ruimte. Eten in de pub een belevenis. Heerlijke ambiance.
6. Brookfield Guest house. Wordt gerund door een alleenstaande dame die alles perfect heeft georganiseerd. Begrijpt niet altijd goed dat haar organisatie niet direct de jouwe is. Wel een bijzonder vriendelijke en innemende dame die alles doet om het haar gasten naar de zin te maken. Eten is goed en veel, erg veel.
7. Jolly Farmers: wordt gerund door een vrouwenhuishouden, zoals de landlady het omschreef: zij en haar drie dochters. Heeft het erg druk en maakt dit ook regelmatig kenbaar. Wel vriendelijk. Kamer was schoon. In sanitaire ruimte lag vloerbedekking, zodat het nogal muf rook. Ontbijt was prima.




woensdag 12 mei 2010

9 standards





1 van de raadselen uit de prehistorie: 9 steenhopen boven op de berg.

De wind en het uitzicht. Wat een tocht, prachtig.

dinsdag 11 mei 2010

Uitgeput



Vandaag gewandeld van Shap naar Kirkby Stephen. Het landschap bleek dramatisch veranderd: een glooiend land, vol boerenbedrijven, mn schapenhouderijen. Met enige regelmaat staken we een heidegebied over. De track van vandaag was 34 km. Die paar hoge heuvels lagen natuurlijk op onze route. Toen we rond 19.00 aankwamen, waren we uitgeput. Ook hier echter een warme ontvangst met thee en scones. Later meer uitgebreid verslag.

maandag 10 mei 2010

weer enkele reisverslagen



8 mei: Rustdag in Grasmere. 
Sherpa, het vervoersbedrijf dat onze zware bagage van B&B naar B&B brengt had dit zo ingeplanned voor ons. Wat ons betreft had het nog niet gehoeven; we zijn niet moe en we zijn erg benieuwd naar de rest van de wandeling. Maar goed, Grasmere is een aardig stadje en het is goed te belopen vanuit de B&B waar we zijn ondergebracht. Tijd voor het kopen en schrijven van wat kaarten en
vooral om maar wat te luieren. De boys die de B&B runnen willen onze vuile was wel wassen, dus zo'n rustdag is praktisch gezien wel handig.

Erik had zich erg verheugd op het draadloze netwerk dat in deze B&B zou zijn. Helaas lukt dit niet. Gelukkig is hij niet voor één gat te vangen en via via lukt 't alsnog de blog aan te vullen met recente informatie.


9 mei: Grasmere-------Patterdale.
Voor we vertrekken even met ma gebeld  om haar te feliciteren met haar verjaardag.
We zijn moe van het rusten  en willen weer graag op weg ! Eenmaal op weg blijkt dat de spieren en gewrichten zwaar en ingekacheld aanvoelen. Als dan ook nog eens de route flink omhoog gaat hebben we allebei een dikke dip. Ieder voor zich (blijkt later) vraagt zich af waarom we in vredesnaam aan de C2C begonnen zijn. Dat zijn dan de momenten dat je je wel heel erg bewust
bent van elke stap die je zet.

Maar je weet, elke stap brengt je ook weer dichter bij het eind. Niet zeuren dus, en doorgaan !

Over de top van de heuvel worden we beloond met een mooi uitzicht op een meer en een pad dat omlaag loopt. Aan de kop van het meer staan we voor drie keuzes:1. we nemen de hoogste route via de zgn. Helvellyn (950 m.) 2. we nemen de zgn. St.Sunday Crag (841m.) of 3. we nemen de route die glooiend door het dal naar Patterdale leidt.

We kiezen voor de tweede optie. We hebben geen zin in de enorme klim van de Helvellyn, daarnaast is de top regelmatig onzichtbaar i.v.m. Mist. We gaan de Sunday route doen; het is per slot van rekening ook zondag. Gauw zijn we alweer aan het klimmen, het gaat wat sluipend, maar ook hier moet hoogte overwonnen worden.


Het weer werkt fantastisch mee; een lekker zonnetje ! De top blijkt pas bereikt als we een viertal beklimmingen hebben gedaan. Daarna één lange afdaling naar Patterdale; op sommige stukken héél steil en daardoor ook wel eng. In het dal wacht ons de "White Lion", een leuke ouderwetse
pub met vloerbedekking op de grond en rode pluchen banken en stoeltjes.

Een WhiteLion Ale voor Erik en een sappie voor Anita. In de pub kunnen we ook eten, dus we hoeven de deur niet meer uit. Benieuwd wat morgen ons brengt. Ons gidsje beschrijft de wandeling van Patterdale naar Shap immers als de zwaarste van de gehele wandeling. Vandaag hebben we weer
gehad; de spieren zijn weer voldoende opgerekt en het lopen geeft geen problemen. Na elke tocht is daar alleen eigenlijk maar een grote voldoening !

10 mei Patterdale – Shap
We werden al door onze gids (het boekje) gewaarschuwd: deze etappe was weliswaar niet de langste van de hele wandeling, maar zou zonder twijfel de meest vermoeiende zijn.

We hebben het geweten.


Na het verlaten van de White Lion, zien we al dat de bergtoppen om ons heen zijn bedekt met een
laag sneeuw. We houden het er voorlopig maar op dat de sneeuw de afgelopen nacht is gevallen. Patterdale ligt in een vallei, dus we kunnen onmiddellijk stevig klimmen. Het pad voert ons steil omhoog naar de eerste toppen: de Stone Rigg, de Brock Grag en later de Knott. Het gaat stevig omhoog maar we merken dat onze conditie vooruit gaat. Tot onze verrassing begint het te sneeuwen. Er staat voortdurend een koude noordoostelijke wind. Ik trek mijn windjack aan en Anita haar
handschoenen. Na de Knott (739 mtr), klimmen we direct door naar de Kidsty Pike (780 mtr: het hoogste punt van de C2C route, tenzij je, zoals wij gister, alternatieve routes hebt gelopen). Het is een flinke klim maar ook deze redden we inmiddels zonder al te veel rustpauzes. We dalen weer af en lopen achter een groepje mannen aan in de richting van een... enorme stapel stenen (een soort pilaar)....

Dat is vreemd: die wordt nergens genoemd. We bekijken onze kaart nog eens en alles lijkt te
kloppen... alleen, dat meer waar we zo langzamerhand op af zouden moeten lopen, dat ligt toch wel erg ver weg... We besluiten een aantal rustende wandelaars om hulp te vragen. Deze helpen ons snel...uit onze droom: we zijn veel te ver doorgelopen.

De hoogte die we net hebben beklommen heet "High Street" en niet voor niets: ze voert je over 830 meter! En ja, helaas, I'm deeply sorry, you must go back (ze blijven gruwelijk beleefd, die Engelsen). Dus voor de tweede keer beklimmen we de High Street. Op de kaart zien we een zijpad wat uiteindelijk, via een andere bergrug, ook naar het Haveswater reservoir leidt. Maar welk zijpad
moeten we nemen? Een wandelaar die na ons omhoog komt klauteren helpt ons vriendelijk verder. Hij wijst op de kaart de route aan en bevestigt dat deze route inderdaad uiteindelijk op hetzelfde punt eindigt.

Vol goede moed, we zijn inmiddels toch al snel 1 ½ uur kwijtgeraakt, schieten we dit zijpad in. Wat volgt blijkt een nachtmerrie: bijna loodrecht omlaag klauteren, stukje over een uiterst smal geitenpaadje over de bergrug en vervolgens opnieuw steil omlaag. Tot onze ellende bleek deze rug halverwege ook nog verschillende flinke beklimmingen in te houden. Al met al zien we het meer nu snel naderen, maar we bevinden ons nog op een enorme hoogte. We houden ons hart vast voor de "grande finale" aan het eind.

Met recht.

Hoe we dit zonder parachute hebben gered, is me nog steeds onduidelijk, maar na een afdaling, soms recht omlaag, van ruim een uur, staan we dan eindelijk aan de oevers van het Haveswater reservoir: ooit één van de kleinere lakes, maar door de aanleg van enkele dammen, inmiddels het belangrijkste waterreservoir. Het schijnt dat op de bodem van het meer nog enkele gehuchten liggen, dat wil zeggen: verdronken gehuchten dan.

Wij besluiten de weg te volgen aan de rechterkant van het meer, in plaats van de Wainwright route links van het meer. Onze knieën, enkels en zenuwen moesten even tot rust komen. Wat volgt is een lange, lange wandeling. Langs het meer (duurt eindeloos), door de landerijen richting Shap. Zelfs Shap Abbey kan ons niet meer bekoren: we stormen door.

Shap blijkt een langgerekte plaats te zijn en onze B&B ligt 10 minuten buiten deze plaats. We zijn doodmoe wanneer we aankomen. De ontvangst door de landlady is echter zo gastvrij en vriendelijk (ze holt direct naar de keuken om een grote pot thee en cakes voor ons te maken), dat het leed snel is geleden. De kamer is perfect, met een hete douche. Als we beiden opgefrist zijn, is het
inmiddels 20.00 uur. We besluiten dat het mooi is geweest: we hebben nog wat fruit en koek en chocolade in de rugzakken en doen daar ons maal mee. Het was een uitputtende en zware dag, maar we hebben het toch maar weer mooi gered.

Samen.

Sneeuwwandeling




Vandaag fantastisch avontuur gehad. Wandeling hoog in de bergen en nog verdwaald ook. Het sneeuwde! Via een alternatieve route (Stijl omlaag! Doodeng!) ons pad weer gevonden. Nu worden we in Shap verwend door een schat van een landlady. Later meer uitgebreid verslag.

zaterdag 8 mei 2010

het wandelen

Even enkele opmerkingen over het wandelen op zichzelf: toch onze
belangrijkste bezigheid de afgelopen dagen :) Ik begon deze blog met me
af te vragen hoe je je kan voorbereiden op een tocht als deze.

Nauwelijks.

We hebben uiteraard de nodige kilometers in Nederland
gelopen. De weken voorafgaand aan C2C, wekelijks een tocht van ruim 30
kilometer en dagelijks plm. 5.

Uiteraard, het belangrijkste verschil met Engeland is: in Nederland is alles volledig plat.
Wandelen heeft hier dan ook een volstrekt ander karakter: er wordt niet geklauterd en er
vinden geen afdalingen plaats. Belangrijk zijn hier vooral je uithoudings- en doorzettingsvermogen.

Overigens, uitstekende eigenschappen om getraind te hebben wanneer je aan C2C begint: je hebt
ze beide nodig.

Het wandelen in heuvels in de categorie als in het lake district... daar kun je je nauwelijks op voorbereiden. Het dagelijks wandelen is de training die je ondergaat en dat merken we goed: de
beklimmingen en afdalingen op de derde dag gingen alweer veel gemakkelijker dan op de eerste.

Een ander belangrijk verschil met Nederland: in Nederland zijn de routes over het algemeen zo aangegeven dat je wel vrijwel blind moet zijn, wil je de weg kwijtraken. Hier niet: de route kent geen eigen markering. Soms staat er ergens een wegwijzer, soms een bordje op een hek en,
vooral boven in de heuvels, stapeltjes stenen ("cairns"). Maar ook heel
vaak moet je het zelf maar uitzoeken. Het is allemaal niet zo georganiseerd.

Er zijn ook voortdurend alternatieve routes. Je hebt dus een goede kaart en beschrijving nodig. Voor als het nodig is, heb ik nog een gps en kompas in mijn rugzak, maar die zijn nog niet gebruikt.

Goede materialen, dat is echt belangrijk.

Wij hebben al jaren goede wandelschoenen, daar hebben we echt in geïnvesteerd. Onze schoenen zijn
van de B/C categorie. Hierbij moet je je voorstellen dat wandelschoenen van de D-categorie, schoenen zijn voor wandelingen in het hooggebergte. De A-categorie zijn de lichtste. Wij hebben dus redelijk stevige schoenen: goede bescherming van de enkels (heel noodzakelijk) en een
goed profiel van de zool. Tot onze verrassing, we hadden er geen ervaring mee, goede wandelstokken. Het is echt onvoorstelbaar hoeveel lol we hiervan hebben. Ik durf de stelling wel aan dat, met mijn aanzienlijke gewicht (Erik), deze wandeling voor mij en vooral mijn knieën ondoenlijk was geweest zonder mijn wandelstokken. Ze vangen steeds een aanzienlijk deel van het gewicht op. Ik heb nauwelijks last van mijn knieën. Ja, natuurlijk, na een afdaling als gister naar
Grasmere, steil omlaag, dat voel ik. Maar als ik om me heen kijk, ben ik
dan niet de enige. Verder hebben we goede wandelsokken aan: deze helpen de conditie van de voet in orde te houden. Echte wandelkleding hebben we verder niet. Om ons heen zien we wat dit betreft
van alles voorbij komen: de meest sportieve en opvallende kleding tot
mensen die in hun gewone kloffie voorbij komen. Maar allemaal hebben ze goede schoenen en, vrijwel de meesten, één of twee wandelstokken.

We dragen in ieder geval beide 2 flessen water met ons mee (dat is dus 2 liter). Die gaan leeg. Onderweg kopen we ook nog de nodige liters. Dagelijks drinken we dus zeker 4 a 5 liter water. Dat zweten we overigens ook wel weer uit :)

En verder: ja, je wordt moe van wandelen, je gaat er van zweten. Daar
helpt geen oefening of uitrusting tegen. Als je daar geen zin in hebt:

neem de bus...